
Fusie Noordwijk-Noordwijkerhout: Hoe staat het met de ambities?
AlgemeenDe voornaamste reden voor de fusie was dat het nieuwe Noordwijk een professioneler en robuuster ambtelijk apparaat zou krijgen. Dat was nodig om de uitdagingen die op de gemeente afkwamen beter aan te kunnen en de dienstverlening op peil te houden. Ook zou het grotere Noordwijk een sterkere positie en betere uitstraling in de regio krijgen. Maar zijn die ambities ook waargemaakt?
Rapport Rekenkamer
De Rekenkamer Noordwijk kwam halverwege 2023 met het rapport ‘Noordwijk na de herindeling’ waarin op een rijtje werd gezet welke ambities van de nieuwe fusiegemeente al gerealiseerd waren. De belangrijkste conclusie: vier jaar na de fusie zijn de doelstellingen nog niet behaald. Volgens de onderzoekers had de ambtelijke organisatie eind 2022 nog lang niet de gewenste weerbaarheid en professionaliteit. Wat ook te merken was aan de dienstverlening van de gemeente. In 2020 had de gemeenten nog de ambitie om het klanttevredenheidcijfer op te schroeven naar een 8,0 maar dat is bij lange na niet gelukt. In 2022 scoorde de Noordwijk een 6,4, zelfs iets lager was dan de 6,5 van 2021.
Nu had het nieuwe Noordwijk door onvoorziene, externe omstandigheden ook wel een heel lastige start gehad. Begin 2020 barstte de coronapandemie los en twee jaar later viel Rusland Oekraïne binnen wat leidde tot een vluchtelingencrisis én een energiecrisis in heel Europa. Maar de problemen om de ambtelijke organisatie naar het gewenste niveau te brengen had zeker ook te maken met de – achteraf gezien ongelukkige - keuze om in de fusiegemeente te starten met een totaal nieuwe organisatievorm. Daarbij werden ambtenaren ingedeeld in zelfsturende teams, zonder managers maar met teamcoaches. Een concept dat in de praktijk niet bleek te werken. Het gevolg was dat de werkwijze van de ambtelijke organisatie in november 2020, bijna twee jaar na de fusie, opnieuw op de schop ging.
Een extra probleem dat de Rekenkamer signaleerde, is de personele onderbezetting op verschillende onderdelen van de organisatie. Een probleem dat vanwege de krapte op de arbeidsmarkt niet eenvoudig te tackelen was en is.
Niet zo vreemd dat uit de interviews die de onderzoekers begin 2023 hielden met wijkverenigingen en maatschappelijke organisaties bleek dat in hun beleving het contact met de gemeente na de fusie niet verbeterd is en dat ze ook niet echt een verbetering merken als het gaat om de professionalisering van het ambtelijk apparaat.
Wel is het rapport voorzichtig positief als het gaat om de positie van de gemeente in de regio, die zou iets krachtiger zijn geworden. ‘De gemeente heeft in ieder geval duidelijke doelen geformuleerd en zoekt vaker de samenwerking in de regio’, zo schrijven de onderzoekers.
Onze gesprekken met een groot aantal stakeholders in de eerste acht maanden van dit jaar geven geen aanleiding om aan te nemen dat er sinds het uitkomen van het Rekenkamerrapport veel veranderd is.
Visie van ondernemers
In het onderzoek van de Rekenkamer kwamen de Noordwijkse ondernemers amper aan bod; de ondernemersverenigingen waren in die tijd terughoudend om mee te werken. Daarom in deze aflevering extra aandacht voor de visie van de ondernemers op de resultaten van de fusie.
Het bedrijfsleven in Noordwijk en Noordwijkerhout was van meet af aan groot voorstander van het samengaan van de beide gemeenten. Gewoon een kwestie van “gezond verstand” schreef de Noordwijkse Ondernemersvereniging (NOV) half juni 2017 in een reactie op het herindelingsontwerp. Een grotere gemeente zou beter in staat zijn het bedrijfsleven te ondersteunen door te zorgen voor belangrijke randvoorwaarden als een goede bereikbaarheid en infrastructuur. Daarnaast verwachtten de ondernemers een verbetering van de dienstverlening door de fusiegemeente, simpelweg doordat een grotere gemeente meer geld heeft om ambtelijke capaciteit en kwaliteit in huis te halen. Bovendien, zo voerde de NOV aan, waren de buurgemeenten al gefuseerd (Katwijk-Rijnsburg-Valkenburg) of werkten intensief samen (Teylingen-Hillegom-Lisse), waardoor Noordwijk en Noordwijkerhout als kleine eilandjes in de regio overbleven. Dat maakte een fusie volgens hen noodzakelijk.
Wensenlijst
Op 1 december 2018, tien dagen na de verkiezingen voor de gemeenteraad van de nieuwe gemeente Noordwijk, dienden de NOV en het Verenigd Bedrijfsleven Noordwijkerhout een brief met maar liefst 53 wensen en aandachtspunten in. Kortom, de ondernemers hadden grote verwachtingen van het nieuwe Noordwijk. Zijn die ook uitgekomen?
Arjan van den Akker, sinds eind 2019 voorzitter van de NOV, is daar heel duidelijk over: tot nu toe niet. ‘Na de verkiezingen van 2022 hebben we opnieuw een brief gestuurd aan de informateur, met opnieuw een lijst van wensen en aandachtspunten. Die waren vrijwel hetzelfde als in december 2018, misschien dat er twee van die oude lijst afgekruist waren’, illustreert hij. De fusie heeft dus vooralsnog niet de voordelen opgeleverd waar het bedrijfsleven op had gehoopt. En dat niet alleen. De ondernemers hebben gemerkt dat het contact met de gemeente sinds de fusie stroever is geworden. ‘Het is lastiger geworden om de juiste persoon te vinden als je een vraag hebt.’
Positieve grondhouding mist
De Noordwijkerhoutse ondernemer Sjaak Geerlings, voormalig bollenteler en momenteel mede-eigenaar van uitzendbureau Flexible Human Services, heeft dezelfde ervaring. ‘In Noordwijkerhout was het eenvoudiger dingen voor elkaar te krijgen als ondernemer, het was laagdrempeliger, de lijntjes waren kort. In het nieuwe Noordwijk is de gemeente traag en lijkt in principe afwijzend te staan tegenover elk voorstel. Het kan niet of mag niet. Ik mis een positieve grondhouding.’
Gebrek aan binding
Nu wijt Van den Akker die ontwikkeling zeker niet alleen aan de fusie. Ook de coronapandemie heeft een grote invloed gehad, is zijn overtuiging. ‘In het oude Noordwijk was er een leegloop van ambtenaren die naar andere, grotere gemeenten gingen omdat ze daar betere carrièreperspectieven hadden. De gedachte was dat dit probleem met het nieuwe Noordwijk opgelost zou zijn. Maar toen kwam corona, en werd van huis uit werken de norm. Met als gevolg dat goede Noordwijkse ambtenaren makkelijker konden overstappen naar een grote stad, en er nieuwe ambtenaren werden aangesteld die geen enkele binding met Noordwijk hebben.’
Onrust in de politiek
Wat in de contacten met de gemeente ook niet helpt, zegt Van den Akker, is de onrust in de politiek. Wethouders gaan en komen, portefeuilles die van de een naar de ander gaan. En het onderlinge gekissebis in de gemeenteraad. ‘Je zou verwachten dat na zo’n fusie de raad z’n best zou doen om eenheid in de gemeente te promoten. Maar vooral enkele lokale partijen lijken bewust de wij-zij tegenstellingen in stand te willen houden.’
Het bedrijfsleven staat daar heel anders in, stelt hij. ‘Vrij snel na de fusie zijn de ondernemersverenigingen uit Noordwijk en Noordwijkerhout bij elkaar gekomen. Het was voor ons een logische stap om de krachten te bundelen.’
De ondernemers en de gemeente hebben elkaar nodig, benadrukt Van den Akker, maar hij kreeg in de afgelopen jaren de indruk dat ondernemend Noordwijk steeds minder op de kaart stond bij het gemeentebestuur. ‘De belangenbehartiging richting gemeente, college en raad is het afgelopen jaar uitdagend gebleken, meer nog dan in de jaren ervoor. [….] Het is zuur om het gevoel te hebben dat wij er niet toe doen, dat de gesprekken zelfs als vervelend worden ervaren’, zei hij daarover in zijn nieuwjaarstoespraak van dit jaar.
Toeristen
Een van de dingen die de NOV dwars zit, is dat het gemeentebestuur weinig oog lijkt te hebben voor het belang om Noordwijk ook voor toeristen aantrekkelijk te houden. Het college heeft voorgesteld om te bezuinigen op het onderhoud van de openbare ruimte en om de parkeertarieven te verhogen, vertelt Van den Akker. ‘Al die zaken raken onze toeristische aantrekkingskracht.’ ‘Ik heb wel eens het idee dat de raad denkt: “die toeristen zijn eigenlijk een beetje lastig. Want wij zijn voor de inwoners”. Terwijl die inwoners eigenlijk heel erg profiteren van het toerisme.’
Stekelvarkentjesrelatie
Het kwam zelfs zover dat NOV en gemeentebestuur een tijdje helemaal niet meer met elkaar spraken, vertelde Van den Akker afgelopen zomer. ‘Het voelde zinloos. Kijk, wij zijn een vrijwilligersorganisatie. Als je dan met je bestuur van zes, zeven man op het gemeentehuis zit, en er zit één ambtenaar tegenover je – want de rest is er niet – en van het lijstje dat je de vorige keer hebt besproken is niets opgepakt… Inmiddels is het contact wel weer voorzichtig hersteld maar we zitten nog in de aftastfase, zie het als een stekelvarkentjesrelatie.’
Geloof in goede afloop
Toch is hij niet pessimistisch. ‘Binnen de NOV kijken we altijd met vertrouwen naar de toekomst. Ook als het gaat om de samenwerking met de gemeente en met raadsleden. Ik denk echt dat de fusie op termijn een positieve uitwerking gaat hebben.
Dat geloof in een goede afloop heeft ook Sjaak Geerlings. Maar dan moeten met name de politici in de gemeenteraad over hun schaduw heen stappen, benadrukt hij. ‘Laat alle onenigheid en irritaties achter je en ga positief verder.’
Dit is de derde aflevering van een vijfdelige serie over de fusie van Noordwijk en Noordwijkerhout. Deze serie wordt mede mogelijk gemaakt door steun uit het mediafonds Provincie Zuid-Holland. Aflevering 4 verschijnt over twee weken.


















